Therapiesystemen voor intensieve zorg richten zich op niet-mobiele patiënten die intensieve zorg nodig hebben en hun zorgverleners.

Zoals klinisch is aangetoond, leveren kosteneffectieve therapieën positieve longresultaten en helpen zij bij het beheren van de huidintegriteit.

Een ernstige longcomplicatie bij intensieve zorg die het sterfte- en ziektecijfer van patiënten ongunstig beïnvloedt, is de ontwikkeling van het Acute Respiratory Distress Syndrom (ARDS). ARDS is een verwoestende ontstekingsziekte van de longen, die gekenmerkt wordt door een plotselinge aanval van longoedeem en ademhalingsinsufficiëntie, doorgaans in samenhang met andere acute medische problemen als gevolg van direct of indirect letsel.

(ARDSNET.org) Het sterftecijfer van patiënten met ARDS wordt geschat tussen de 32 en 45% (Gattinoni, 2001). Klinische problemen die soms aan het ontstaan van ARDS worden gekoppeld, zijn:

Direct longletsel (Ware, 1994)

  • Longontsteking
  • Aspiratie van maaginhoud
  • Letsel door inademing
  • Bijna verdrinking
  • Longkneuzing
  • Vetembolie

Indirect longletsel (Ware, 1994)

  • Bloedvergiftiging
  • Ernstig trauma
  • Acute pancreatitis
  • Cardiopulmonale bypass
  • Grootschalige transfusies
  • Drugsoverdosis

Zoals de naam al aangeeft, is ARDS een syndroom of een aandoening die wordt gedefinieerd via een groep van tekenen en symbolen. In 1994 stelde de American European Consensus Conference over ARDS de volgende universele definities op, bestemd voor klinische en onderzoekstoepassingen:

Acute Respiratory Distress Syndrome (Bernard, 1994)

  • Acute aanval
  • Oxygenatie: verhouding van een partiële druk van arteriële zuurstof op de fractioneel ingeademde zuurstofconcentratie (PF ratio) & 200 mmHg (ongeacht PEEP).
  • Bilaterale pulmonale infiltraten op borstradiografie.
  • Pulmonale arteriële wedge & 18 mmHg of geen klinisch bewijs van linker atriale hypertensie.